Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voor den aanleg van wegen, bruggen, vestingwerken, enz., om daardoor groote onkosten te vermijden. Dat zij tot groot nadeel strekken van de bevolking, die voor het verleenen van diensten niet, althans niet altijd, betaald wordt, en die een groot gedeelte van haren tijd aan eigen arbeid moet onttrekken, om aan de eischen der heerendiensten te voldoen, behoeft geen betoog. Een mild Gouvernement moet er dus op bedacht zijn, een wakend oog te houden, ten einde willekeur zooveel mogelijk te beletten. Daarom schrijft het Regeerings-reglement ook voor, dat in elk gewest de aard en duur der persoonlijke diensten, de gevallen waarin en de wijze en voorwaarden waarop zij kunnen worden gevorderd dooiden Gouverneur-Generaal, in overeenstemming met de bestaande gebruiken, instellingen en behoeften, moeten worden geregeld. Deze vorderingen moeten om de vijf jaren herzien worden, ten einde daarin trapsgewijze vermindering te brengen, en ze eindelijk, als het met de ontwikkeling der bevolking overeenkomt, geheel op te heffen ').

Voor 1885 was aan dit voorschrift eigenlijk niet voldaan. De regeling in 1882 tot stand gebracht (Ind. Stbl. n°. 136 en 137) was toch algemeen geldende voor Java en Madoera. Bij deze regeling zijn verschillende diensten afgeschaft en vervangen door een hoofdgeld. Deze materie is laatstelijk opnieuw geregeld bij Ind. Stbl. 1893 n°. 68, in verband met de gewestelijke regeling der heerendiensten, die toen haar eerst beslag had gekregen.

Bij de invoering van het hoofdgeld was aan de bevolking de toezegging gedaan, dat het overschot van het hoofdgeld in elk gewest zou worden aangewend om aldaar de heerendienstplichtigen te verlichten. Met die invoering werd vooral de behoefte aan gewestelijke regeling gevoeld. Dat equivalent voor afgeschafte diensten moest betaald worden door de heerendienstplichtigen en nergens was omschreven welke categorieën van personen als zoodanig waren aan te merken.

1) Art. 57 Regeerings-reglement.

De arbeid ten behoeve van de cultures in het algemeen kan niet onder de heerendiensten gebracht worden. Over het algemeen make men onderscheid tusschen heerendiensten en gedwongen arbeid. Ofschoon cultuurdiensten zoowel als heerendiensten verplichte diensten zijn, waaraan geen Inlander, daartoe opgeroepen, zich kan onttrekken, verschillen zij evenwel zoo in oorsprong, als in aard. Ook worden cultuurdiensten in den regel betaald, al is soms de betaling gering; heerendiensten worden in den regel niet betaald, al wordt soms eenige vergoeding toegekend.

Sluiten