Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stede bericht. De eerste brief wordt hier aangetroffen in uitgebreider vorm. Dan volgt de in ons handschrift voorkomende „Verantwoording aan de rechters" en bovendien nog een stuk van Godefroy, dat nóch in het handschrift, nóch bij Van Haemstede voorkomt, (hoewel hij, gelijk wij zagen, melding maakt van meerdere brieven), nl. een troostbrief aan zijn familie. In latere edities van Crespin zijn deze gegevens nog weder aangevuld.

Wij hebben hier dus vier getuigenissen voor ons nl.: 1°. ons Handschrift; 2°. Van Haemstede; 3°. Crespin's laatste en 4°. zijne eerste editie. Onze eerste taak is nu aan te toonen, waarin deze overeenkomen en verschillen en de mogelijke verklaring ervan te zoeken, waarbij wij tevens eenige eigenaardigheden in het licht willen stellen; vervolgens behooren wij na te gaan uit welke bronnen werd geput en in welke verhouding deze tot elkander staan, om te eindigen met de wijze waarop Van Haemstede en Crespin van hun bronnen gebruik hebben gemaakt te beoordeelen en de resultaten van ons onderzoek in het kort samen te vatten.

L

Waarin verschillen de vier getuigenissen? vragen wij in de eerste plaats.

Beperken wij ons voorloopig tot de vergelijking van Crespin's laatste editie met Van Haemstede's eerste en ons Handschrift. Wij zien dan allereerst dat Crespin spreekt van „de Hamelle", Van Haemstede van „van Hameele",de schrijver van ons handschrift — in het vervolg door mij kortheidshalve H genoemd — van „de Hamal". Deze verschillende spelling van een zelfden naam is echter in dien tijd zeer gewoon. Het lijdt geen twijfel of er is een en dezelfde Godefroy bedoeld, wiens tweede naam door verschillende menschen verschillend gespeld werd. Van meer

Sluiten