Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te Worms in het j. 1557. Eerst na dezen zal hij als schrijver optreden en zich doen kennen als een vurig bestrijder van de Protestanten, van Chemnitz, Molinaeus, Cassander, Flacius Illyricus, de Antwerpsche Lutheranen enz.4). De derde der aanwezigen, Petrus de Corte of Curtius, is van den leeftijd van Tappert. Daarom wordt hem ook het eerst het woord gegeven. Hij schrikt van Tappert's ernstige inleiding en roept uit: „Jesu Maria, quid est? Obiit sanctissimus Papa?" Maar de president stelt den ouden heer gerust: „Per Deum sanctum est bene aliud". Zijn leeftijd kan men ook bemerken aan zijne verontrusting over het toenemen der ketters. Het wordt hoe langer hoe erger, meent hg. Vroeger heeft men Erasmus willen verbranden, maar „Erasmus sanctus est prae his". De spreker is plebaan der St.-Pieterskerk. Met Tappert is hij sedert het j. 1546 visitator en approbator der bijbels, die te Leuven gedrukt worden. Hij heeft een groot aandeel in de oprichting der nieuwe bisdommen; werd in het j. 1559 benoemd tot eersten bisschop van Brugge en zal zijn ambt als zoodanig aanvaarden in het j. 1562 2). Met „Michael" is in de lijst der aanwezigen bedoeld Michael Baius, president van het college van Adriaan VI, professor der H. Schrift, in het j. 1560 een man van 47 jaren. Het is dezelfde, die later zulk eene vermaardheid zal verwerven als verdediger der leer van Augustinus en voorlooper van Jansenius. Het blijkt niet, dat de schrijver der „Colloquia" de bijzondere beteekenis van dezen man heeft ingezien. Hij scheert hem met de overigen over eene en dezelfde kam. Toch broeit in het j. 1560 reeds een onweder boven zijn hoofd. Tappert en Ravesteyn zijn terug-

1) Valerius Andreas, Fasti academici stvdii generalis Lovaniensis, Lov. 1650, in-4°, p. 111, 363; Foppens, Bibliotheca Belgica, Brux. 1739, T. II, p. 770; Wagenaar. Vaderlandsche historie, Amst. 1752, Dl. VI, blz. 110—112; P. F. X. de Ram, Mémoire sur la part que les doeteurs de Louvain ont prise au concile de Trente, in de Mémoires der Académie royale de Belgique, 1841, XIV, in-4".

2) Valerius Andreas, Fasti, p. 106; Foppens, II, p. 971; Biographie de Belgique, Brux. 1873, T. IV, p. 915—918.

Sluiten