Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„connaissent la Suède, savent avec quelle rapidité y fructifie „toute idéé de portée générale. La générosité avec laquelle „les détenteurs de la fortune se croient tenus, — et le sont „en effet par 1'opinion, — de concourir dans une large „mesure, è, toute fondation d'intérêt scientifique ou public, „constitue couime une sorte de haut socialisme national, de „portée infiniment féconde." —

Hoe ongunstig steekt, bij het daarginds waargenomene, onze slapheid af! En dat men toch de zware belastingen er niet bijhale! Ook in Zweden is die druk niet gering, 0111 van de hooge invoorrechten niet te gewagen.

Wat echter vaststaat: de Nederlandsche fortuinen nemen gestadig toe, tientallen millioenen zijn er in den jongsten tijd bij Indische fondsen gewonnen, de rentestandaard heft zich weer merkbaar op, ook stijgt de weelde, angst- en vreugdewekkend.

En met dat al vloeit de bron der sociale weldaden trager dan ooit te voren. Gegeven wordt er wel: door sommigen veel (zou 't Vio van hun inkomen zijn?) en gaarne, — door de meesten weinig en tegenstribbelend. Maar hoeveel en hoe dan ook: er wordt gegeven en geofferd. De vraag is alleen, of al dergelijke uitgaven ten bate der volksontwikkeling geschied mogen heeten. Zijn er niet onder, die parasitisme en huichelarij kweeken, dus beter niet gedaan waren?

Voor werken van barmhartigheid vermindert in 't oog loopend de belangstelling der thans aan de geldlade gezeten generatie. „Liefdadigheid naar vermogen," 't bekende Amsterdamsche genootschap, heeft over de laatste 4 jaren steeds dalende ontvangsten. Telde eens de Maatschappij van Weldadigheid 23000 leden, allengs is dat cijfer tot onder de 7000 geslonken.

Gaat men de rij der meer moderne, op het voorkomen van ellende door 't verspreiden van gezonde levensvreugde aangelegde bonden langs, men treft dezelfde tinantieele kwijning aan. 't Is geen verkwikkend schouwspel waarop wij ons zeiven vergasten. (10)

Of wij gelooven aan een betere, door eigen inspanning te be-

Sluiten