Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Volgens Hand. 2 : 46 en 5 : 42 bestonden er in de gemeente te Jeruzalem twee onderscheidene samenkomsten. Ten eerste hadden de geloovigen aldaar de gewoonte, om dagelijks, vooral bij het morgen- en avondoffer, in den tempel, inzonderheid in den voorhof van Salomo, samen te komen en deel te nemen aan de voorlezing der Oud-Testamentische Schrift en aan de gebeden. Zij braken dus niet op revolutionaire wijze met den Joodschen godsdienst, en scheidden niet eigenmachtig en willekeurig zich af, maar wachtten, totdat God zelf hen uit den tempel en uit het Jodendom uitleiden en dezen aan de verwoesting en aan de verharding prijsgeven zou.

Maar al is het, dat zij nog dagelijks in den tempel samenkwamen, zij vormden toch onder de Joden reeds oene zelfstandige, Christelijke gemeente. Want zij zwegen niet van het geloof, dat hen van de Joden scheidde, maar maakten van de gelegenheid in den tempel en ook elders gebruik, om openlijk aan allen Jezus als den Christus te verkondigen, Hd. 2 : 22, 3 : 13, 4 : 10, 5 : 20, 42 enz. Deze samenkomsten droegen daarom vooral een missioneerend karakter; zij dienden tot prediking van het Evangelie aan hunne volksgen ooten.

Maar uit den aard der zaak hadden de Christenen aan die openbare samenkomsten in den tempel niet genoeg. Zij vergaderden ook dagelijks in private woningen, oefenden gemeenschap met elkander onder de breking des broods, aten te zamen met verheuging en eenvoudigheid des harten, volhardden in de leer der apostelen en in de gebeden, en dankten en prezen God. Prediking des Woords en viering van het heilig avondmaal, gebed en gezang waren van het ontstaan der Christelijke gemeente af de hoofdbestanddeelen van hare godsdienstoefeningen. De breking des broods nam daaronder de voornaamste plaats in; al het

Sluiten