Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

oordeelde bijv. Monica, de moeder van Augustinus. Nog weer anderen lieten hunne kinderen eerst op later leeftijd doopen, omdat zij dan zeiven de beteekenis van den doop konden verstaan.

Zoo verschillend waren dus de redenen, waarom door velen in de eerste eeuwen de doop, dikwerf zoo lang mogelijk, werd uitgesteld. Tot degenen, die zulk een uitstel goed en nuttig oordeelden, behoorde ook Tertullianus. Waarom, zoo vraagt hij, zal men bij kinderen, die betrekkelijk nog onschuldig zijn, zoo haasten met den doop? Als men den ernst en het gewicht van den doop indenkt, is het veel begrijpelijker, dat men den doop zoo lang mogelijk uitstelt, dan dat men hem zoo spoedig mogelijk begeert.

Maar, al is het mogelijk, dat soortgelijke beschouwing hier en daar den Kinderdoop tegenhield, feit is toch, dat hij langzamerhand allerwegen in de Christelijke kerk in gebruik kwam. De gang is daarbij deze geweest, dat in den eersten tijd schier uitsluitend de bejaardendoop regel was; dat vervolgens naast den bejaardendoop de Kinderdoop opkwam en steeds breeder plaats innam ; en dat eindelijk de bejaardendoop, behalve op het gebied der zending, alleen als uitzondering bleef bestaan, en de Kinderdoop algemeene regel werd.

Maar bij dezen overgang van den bejaardendoop tot den Kinderdoop zag de Christelijke kerk zich voor een moeilijk vraagstuk gesteld. Dogmatisch luidde dit: wat is het recht van den Kinderdoop? op welken grond mogen ook kinderen van geloovigen gedoopt worden? En dit dogmatisch vraagstuk sloot een Liturgische quaestie in: hoe kunnen de gebruiken en ceremoniën bij den doop, hoe kan heel de doopsbediening, die tot dusver op volwassen geloovigen ingericht is geweest, toegepast worden op kleine kinderen der gemeente ?

3*

Sluiten