Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en al wat er verder aan toegevoegd wordt, is waard om herlezen, overdacht en behartigd te worden.

Te meer, omdat het bijna niet te begrijpen is, dat de zucht tot reformatie zich wel niet uitsluitend maar toch met voorliefde op dit punt van den doop heeft gericht.

Waren de toestanden dan zoo slecht, dat hier vóór alles en op staanden voet hervorming moest worden ingevoerd? Er is zeker niemand, die, ook al is hij niet blind voor vele gebreken in ons kerkelijk leven, dit zou durven beweren. Want in vergelijking met de toestanden, die er in de zestiende en zeventiende eeuw aangetroffen werden, hebben wij stof tot ootmoedigen dank. En toch, welk een voorzichtigheid hebben de Gereformeerden toen betracht, en welk een geduld hebben zij geoefend! Hoeveel te meer reden bestond er dan voor onze jeugdige predikanten, om naar de vermaning in de Heraut, eerst eens een tiental jaren in de gemeente te werken door onderwijs en gesprek, zoodat de overtuiging langzaam rijpte en de rijpe vrucht dan vanzelf in den schoot viel.

Bovendien is het feit, dat in den tijd der Hervorming de gewoonte eene andere was dan tegenwoordig, geen genoegzame reden tot verandering. Want niet alleën wijken wij telkens in allerlei kerkrechtelijke en liturgische aangelegenheden van de practijk onzer vaderen af. Maar het zou ook invoering van een valsch ongereformeerd beginsel zijn, indien wij daarom in den tegenwoordigen tijd iets afkeurden, wijl onze vaderen anders deden. Want het Doopsformulier zegt daartegenover terecht, dat wij den doop onzer kinderen niet uit gewoonte zullen begeeren, ook niet op een bepaalden tijd.

Ook kan de oorzaak voor het ter hand nemen van de reformatie op dit punt niet hierin gelegen zijn, dat de doop noodzakelijk tot de zaligheid is. Want dit leeren wel de

Sluiten