Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

daan !). Maar de gansch Europa omvattende plannen van Philips lieten zijn landvoogd niet vrij, om zich met zoo geringe aangelegenheden bezig te houden.

Kort na de overgaaf van Geertruidenberg haalde Parma zich onvoorzichtig een ziekte op den hals, waarbij zich de eerste teekenen van waterzucht openbaarden, de kwaal, die hem vier jaren later ten grave bracht. Lijdend van lichaam, diep gekrenkt door den voortdurenden laster zijner vijanden, waarvan hij de uitwerking op het achterdochtige gemoed des Konings bevroedde, buitendien in gespannen verwachting naar de ontknooping der Fransche verwikkelingen, hoorde hij te eer naar den raad zijner artsen, die hem rust en het gebruik der wateren te Spa voorschreven. Daar bracht hij, niet zonder tijdelijke baat den zomer door; het krijgsbevel liet hij zoolang aan onderbevelhebbers, aan Karei van Mansfeit, op het belangrijkste punt over. Niets gewichtigs werd er door dezen volvoerd. Mansfeit, een slechts middelmatig veldheer, nam eenige sterkten weg in het land van Heusden, en belegerde de vesting zelve. Maar in de hoop van het nog belangrijker Bommel, waar hij verstandhouding hield, te vermeesteren, vatte hij het belegeringswerk niet krachtig genoeg aan, en zag zich ten slotte dubbel teleurgesteld: noch Bommel, noch Heusden viel hem in handen. Door Maurits zorgvuldig bewaakt, kon hij evenmin, gelijk hem gelast was, het krijgstooneel over de rivieren naar Holland verplaatsen. De Spaansche bevelhebbers, die onder hem dienden, en wier trots hij door zijn Duitsche hoogheid beleedigde, brachten zijn bevelen onwillig en ten halve ten uitvoer; onverrichter zake moest hij in het najaar naar Brabant terugkeeren. Even onbeslist bleef de strijd, die terzelfder tijd in Groningerland tusschen Yerdugo en den Frieschen stadhouder Willem Lodewijk van Nassau gevoerd werd. Aan den Rijn alleen behaalden de Spanjaards eenig aanmerkelijk voordeel; het gelukte hun, Rijnberck en een paar andere plaatsen van het bisdom van Keulen, die door de Staatschen bezet werden gehouden, te veroveren, waardoor zij des te vaster voet aan de rivier kregen. Geringe voordeelen evenwel, die Parma niet voldoen konden: een jaar van goede verwachting was vruchteloos voorbijgegaan.

Een voorval van gansch andere beteekenis had den veldtocht voor Parma smartelijk gekenmerkt. Een Spaansch regiment, het oudste en meest geëerde van het gansche leger, het tercio viejo,

1) Reyd, bli. 175, 211.

Sluiten