Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geduurd, en dat wij hen, die ik gelijkelijk vereer, zullen zien samenwerken tot verlossing en bevestiging van het vaderland, niet elkander bestrijden uit partijschap en zelfzucht.

Het is er ver van af, dat wij Oldenbarnevelt in zijn leven en karakter kennen zouden, zooals hij verdient. De hoofdfeiten zijner uitwendige geschiedenis zijn bekend, uit zijn Remonstrantie aan de staten van Holland en van elders. Wij weten, dat hij, na een geleerde opvoeding grootendeels aan Fransche en Duitsche scholen genoten te hebben, bij den aanvang der troebelen zich als advokaat in Den Haag nederzette en een der eersten was, die in 1572 zich aan Prins Willem en aan de partij van den opstand aansloten. Tijdens de belegeringen van Haarlem en Leiden vatte hij zelfs de wapenen op, om bij het beraamd ontzet te dienen. Niet lang na de pacificatie van Gent liet hij zijn advokatenpraktijk varen, en nam de hem aangeboden betrekking van pensionaris der stad Rotterdam aan. Als zoodanig verscheen hij voortaan in de vergadering der Staten van Holland. Daar heeft hij zich ongetwijfeld man van karakter zoowel als van bekwaamheid betoond: alras zien wij hem op den voorgrond treden. Toen Leicester zich gereed maakte om over te komen, was hij het, die vooraf den jeugdigen Maurits tot stadhouder van Holland deed aanstellen: de eerste daad van tegenstand tegen den geduchten vreemdeling. Van al de verdere tegenwerking is hij waarschijnlijk een der voornaamste aanleggers geweest. Althans toen de Staten, bij het klimmen der tweedracht, in plaats van den afgetreden Paulus Buis, een nieuwen advokaat van den lande als leidsman begeerden, droegen zij dien moeilijken en gevaaslijken post aan Oldenbarnevelt op. Van nu af staat hij aan de spits van Leicester's tegenstanders. Meermalen met oplichting en wegvoering naar Engeland bedreigd, houdt hij even bedachtzaam als moedig den tegenstand vol. En als eindelijk de vreemde landvoogd den strijd opgeeft en aftrekt, is niemand meer dan Oldenbarnevelt overwinnaar. Hij wordt de ziel der nieuwe regeering; in naam slechts dienaar der Staten van Holland en WestFriesland, beheerscht hij inderdaad eerst zijn meesters, en dan, door middel van hun gezag, de Staten-Generaal. Wat er gedurende zijn bediening belangrijks is verricht, is in de eerste plaats zijn werk.

Dat iemand van zoo sterken persoonlijken invloed een man van karakter moet geweest zijn, spreekt vanzelf. Maar slechts in de hoofdtrekken kunnen wij dit karakter onderkennen. Hij

Sluiten