Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schijnt, dat nu Parma zoo juist van pas was gestorven, het doel zijner zending liefst geheim moest blijven. Hij vertoonde alleen den geloofsbrief, waarin aan de Nederlandsche bewindslieden gelast werd zich te voegen naar al wat hun Fuentes uit 's Konings naam bevelen zou. Krachtens die volmacht bevestigde hij Mansfeit voorloopig in de landvoogdij 1). Maar naar zijn bedoeling zou de nieuwe landvoogd niet meer dan het werktuig wezen, waardoor hijzelf, in schijn slechts de tweede persoon, inderdaad regeeren zou. Een andere Spanjaard, Estevan de Ibarra, tegelijkertijd met Fuentes te Brussel aangekomen, nam het beheer der financiën op zich. Zonder deze twee vertrouwelingen van Phillips mocht voortaan niets geschieden. De vrienden van Parma werden verwijderd, de Italianen over het algemeen teruggeschoven, de Nederlanders wel met meer onderscheiding behandeld, doch eveneens buiten de regeering gehouden. Achter den Nederlandschen naam van Mansfeit verborg zich een zuiver Spaansch bestuur.

Een aantal hervormingen werd ras ontworpen en gedeeltelijk ingevoerd; over haar waarde te oordeelen, verbiedt ons de onvolledige kennis die wij ervan bezitten 2). Als wij op de uitwerking letten, kunnen wij er geen hoogen dunk van hebben: na als voor heerschten te Brussel verwarring en misbruik. Om te toonen,dat de oorlog voortaan met verdubbelde strengheid zou worden gevoerd, begon de nieuwe regeering met het, allengs ingevoerde, kwartier-geven te verbieden: alle gevangenen moesten zonder genade worden opgehangen; rantsoen of contributie, als afkoop van plundering, aan de rebellen te betalen werd op lijfstraf verboden: geen middel van beveiliging dan strijd op leven en dood werd de bevolking gelaten. Een ijdele bedreiging, die nutteloos aan Alva's schrikbewind herinnerde, dubbel hatelijk sinds Maurits het voorbeeld gegeven had van menschelijker en ridderlijker oorlogvoeren 3). De Staten beantwoordden haar natuurlijk met de be-

1) Delrio, p. 4. — Vgl. de Corresp. du Corate de Mansfeit, in den Messager des Sciences Historiques, 1877, p. 420. c

2) Een menigte brieven, door Gachard uit de archieven vanTïimancas afgeschreven, en in de voorrede van het tweede deel der Correspondance de Philippe II aangekondigd (en nog altijd niet uitgegeven), zullen ons zonder twijfel daaromtrent veel wetenswaardigs openbaren.

3) Bongars schrijft, in 1592, aan Camerarius „magnum Mauritio laudem oppugnatio Stenovici peperit, majorem humanitas, qua deditos habuit". Lettres de J. de Bongars, II, p. 207. — Reyd, blz. 315: , Onder die ghemeenten door het gheheele landt hoorde men veel onghedults, dat Prins Maurits al te barinhertich was, ende alle mael hebbende den vijandt in sijn ghewelt, denselven eerlijck accoordt gunde".

Sluiten