Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de Bataafsche Republiek overnam alle bezittingen en eigendommen der gewezen Oost-Indische Compagnie, benevens al haar schulden, die door de Regeering van 1836 op ruim 82 millioen gulden benevens ƒ 6.440.000 in aandeelen werden begroot, doch die door anderen veel hooger zijn geschat.

Dat was het treurige einde dier vermaarde Compagnie, die gedurende een tijdvak van 150 jaar ongeveer 2000 millioen gulden voordeel aan het vaderland geschonken en het een voornamen rang onder de mogendheden van Europa verschaft had. Een groot deel dier koloniën viel weldra in handen van den vijand. Willen V ontzag zich niet, aan de ambtenaren te bevelen, het hun toevertrouwde onder bescherming van Engeland te stellen. De Kaap de Goede Hoop ging op die wijze voor ons land verloren. Een eskader in 1796 onder Lukas daarheen gezonden, had slechts het verlies dier schepen tengevolge. Spoedig bezat Engeland ook Ceylon benevens de Molukken, zoodat in 1801 Java onze eenige bezitting vormde.

Wat we van Java ontvingen, gewerd ons door bemiddeling van Amerikaansche schepen. De handel met onze West-Indische bezittingen op het vasteland van Zuid-Amerika was gestaakt; de in ons land wouende eigenaars van plantages ontvingen, schoon niet zonder moeite en door tusschenkomst van Engeland, hun inkomen1).

Natuurlijk werd door sommigen veel verdiend. Oin niet te spreken van de smokkelaars, kunnen we wijzen op de toename van onzen handel met Frankrijk. In 1800 werd de in-en uitvoer op ƒ50 milloen geschat2). Vooral was het een goede tijd voor den tabaksplanter. Een H.A. met tabak beplant land te Wageningen bracht een waarde op van

ƒ350 per jaar van 1779 —1794.

ƒ730 „ „ „ 1795—1798. ƒ1085 „ „ in 1798 ') 4).

Trouwens, de sluiting der zee in den Franschen tijd heeft de landgewesten tot een vroeger ongekenden trap van welvaart

') De Rooy, 3e deel, pag. 876.

!) Van den Bogaerde, deel 1 pag. 291.

s) Koenen, Geschiedenis van den Nederlandschen handel, pag. 137.

*) van den Bogaerde, pag. 374.

2

Sluiten