Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

weer uitzeilde, niettegenstaande onze koloniale handel voortdurend in beteekenis toenam door het cultuurstelsel. Het gouvernement consigneerde:

Suiker Koffie Indigo en Spec.

In 1835 225000 pikols, 225000 pikols, 250000 pond

, 1836 250000 „ 370000 „ 500000 „

„ 1837 320000 „ 450000 „ 500000 „

„ 1838 400000 „ 580000 „ 700000 „

Later namen die invoeren nog veel grooter afmetingen aan.

In het jaar 1835 werd door de N. H. M. voor het eerst een partij van 21 kisten en 4 manden Javakaneel en 218 kisten Javathee in veiling gebracht, welke beide nieuwe producten zeer goed voldeden.

Ook de Javacochenille, waarmee een proef genomen werd, bedong prijzen gelijk aan die der beste Mejicaansche. Met de Javatabak was men eerst minder gelukkig.

In hetzelfde jaar voerde men aan 1149 kisten indigo, gemiddeld voor f 3.— a f 3.25 verkocht; 72000 blokken tin, mede tot zeer voldoende prijzen van de hand gedaan. Minder was dit het geval met 53684 stuks Javahuiden, als ook met curcuma.

De Javakoffie, in enorme hoeveelheden na onze bevrijding van het Fransche juk uit Engeland ingevoerd, waardoor de prijzen voor dien tijd (40 è, 58 cent) zeer laag waren, had de surrogaten weer verdreven, terwijl de consumtie sterk was toegenomen.

De aanvoer was intusschen voor ons verbruik te groot, (in 1837 een millioen pikols), zoodat we een uitgebreiden exporthandel in dat artikel kregen, vooral naar de Rijnprovinciën , Zwitserland en de landen aan de Middellandsche Zee, waardoor tal van commissiehuizen tot grooten bloei geraakten en nieuwe zich vestigden.

Aanvankelijk werden drie veilingen per jaar door de N. H. M. gehouden: in Maart, Juni en September.

Nadat de ondervinding geleerd had , dat de voor- en najaarsveilingen veel coulanter afliepen dan de zomerveiling. werd besloten, slechts twee groote koffieveilingen per jaar te houden, één in April en één in September, beurtelings te Amsterdam en te Rotterdam.

Sluiten