Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gedreven werden en alzoo meer verwerkten, dan de talrijkere van vroeger.

De landbouw kwijnde. Om daaraan tegemoet te komen, werd, in navolging van Engeland, een schaal van inkomende rechten ingevoerd, die den landbouwer van weinig nut was, menig veehouder benadeelde, ook menig Schiedamschen stoker. Dit laatste bleek uit het adres van de Kamer van Koophandel aldaar, die zich verzette tegen een verhooging van het invoerrecht op graan, op grond dat daardoor de productiekosten verhoogd werden, terwjjl toch reeds door de werkzaamheid der matigheidsgenootschappen in Amerika de verzending van j enever sterk afgenomen was In 1843, vermeldt Mr. P o r t i e 1 j e, stonden dan ook vele distilleerderijen stil '). Vele zoutziederijen , olieslagerijen en papierfabrieken verkeerden destijds in hetzelfde geval, wat de zooeven genoemde schrijver, zeker wel terecht, toeschrijft aan de zware belastingen, die hier geheven werden, aan de vele formaliteiten, daarmee gepaard gaande, aan de onnatuurlijke toestanden ten gevolge der bescherming.

De N. H. M., zelve gedeeltelijk een product van dien onnatuurlijken toestand, had ook in die richting gewerkt, vrijwillig of gedwongen.

Gedwongen door de Regeering, ten opzichte der manufactuumijverheid. Vóór onze afscheiding van België waren de Belgen de leveranciers van katoen voor onze koloniën. In 1825 werd door ons voor een bedrag van ƒ213.061 op Java en Madura ingevoerd, terwijl de Engelschen een afzet hadden van ƒ 1.384 834. In het volgende jaar leverden de Zuidelijke Nederlanden, geholpen door de 25 pCt., die van vreemde waren geheven werden, voor ƒ 1.255,583, terwijl Engeland's invoer verminderde tot op ƒ738.186. In 1828, 1829 en 1830 bedroegen die sommen respectievelijk ƒ 2.954.888, ƒ 3.485.079, ƒ2.373.309, terwijl in 1831, ten gevolge van den Belgischen Opstand, dat bedrag daalde tot ƒ 1.389.905®). Er waren contracten gesloten met Zuid-Nederlandsche fabrikanten, die het

') Mr. D. A. Portielje. de handel van Nederland in 1811, |>ag. 69.

') H Muller, de Ned. katoennijverheid, pap. 26.

Sluiten