Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

^°' Afschrift.

's-Gravenhage den 21 November 1853.

L® A No. 933.

Aan den Heer E. Douwes Dekker, OostIndisch ambtenaar met verlof in Nederland te Amsterdam.

Ter voorloopige beschikking op het door U, bij rekest van den 17" dezer, gedaan verzoek is dienende: dat Zijne Excellentie den Minister van Koloniën genegen is om U in het genot te stellen van een voorschot ten bedrage van drie maanden verlofstraktement (f 675) te verrekenen met het door U na 1° Januari] 1854 te goed te maken verlofstraktement, mits door U behoorlijke borgtogt wordt gesteld voor de terugbetaling van dat voorschot, of wel van zoodanig gedeelte van hetzelve, als bij Uw onverhoopt vooroverlijden nog oningediend of onaangezuiverd mogt zijn.

Bijaldien U in de gelegenheid mogt zijn, zoodanigen borgtogt te stellen, dan zal eene akte deswege bij het Departement van Koloniën worden ingewacht.

De Waarnde Secr. Generaal bij het Departement van Koloniën, (w- g.) Onleesbaar.

No. 6. - , , .,

Afschrift.

Amsterdam, 3 December 1853.

Naar aanleiding van het voorkomende bij de missive van UHoo°--

edel Gestrenge dd. 21 November La. A. No. 933 heb ik de eer

UHoogEd. gestr. de daarbij gevorderde acte van borgstelling beleefdelijk aan te bieden.

De Oostindische ambtenaar met verlof in Nederland (w. g.) Douwes Dekker.

Aan den Heer Secretaris-Generaal bij het Ministerie van Koloniën te 's-Gravenhage.

1) Voici le texte de eet acte:

Sluiten