Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

woordige moeijelijke geldelijke omstandigheden niet in de mogelijkheid ben om mijne keuze te vestigen op een vroeger vertrekkend doch aan eene andere reederij toebehoorend vaartuig, is bovengemeld schip „India , thans het eerste vaartuig waarmede na het ontvangen van Uwer Excellentie's afwijzende beschikking van 4 dezer L. A. No. 14, mijn vertrek uit Nederland mogelijk wezen zijn zal.

De Oost-Indische ambtenaar (w. g.) Douwes Dekker.

Aan Zijne Excellentie den Heere Minister van Koloniën te 's-Gravenhage.

^°- 23- Afschrift.

Aan Zijne Excellentie den Heere Minister van koloniën te 's-Gravenhage,

Geeft met verschuldigden eerbied te kennen Eduard Douwes Dekker, Oost-Indisch ambtenaar met verlof hier te lande;

Dat hij na het ontvangen van Uwer Excellentie's beschikking van 4 dezer Lr. A No. 14 zich opnieuw beijverd heeft middelen optesporen om zoo goed mogelijk in de behoefte van zijn gezin te voorzien;

Dat hij hierin niet is geslaagd daar die middelen reeds finaal waren uitgeput, alvorens hij zich bij zijn eerste verzoekschrift tot Uwe Excellentie wendde om hulp ;

Dat de diepe ellende, waarin hij zich bevindt hem noodzaakt andermaal op dat verzoek om hulp terug te komen;

Dat hij, na. in zijn vorig rekest aan Uwe Excellentie te hebben medegedeeld, dat van de inwilliging daarvan afhankelijk was het leven van zijn kind, zich buiten staat gevoelt sterkere gronden daartoe aantevoeren en zich derhalve onthoudt van het schetsen der rampzalige gevolgen die uit Uwer Excellentie's weigering voor hem en de zijnen voortviloeijen;

Dat hij zich evenwel wenscht te verzekeren het bezit der overtuiging tot het laatste toe alles gedaan te hebben wat menschelijk mogelijk is om zich en de zijnen te redden uit de noodlottige po-

Sluiten