Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

paleis te Machaërus en zag de zon ondergaan. Daar stond plotseling een man voor mij, hij strekte zijn hand uit, wees naar de ondergaande zon en zeide: Ziedaar, daar in Hesperia is uw slaapvertrek. Nauwelijks had hij dat gezegd of hij verdween in de wolken. Ik verschrok en werd wakker. Als gij begeert gelijk aan Jozef te zijn, toen deze voor den koning van Egypte stond, om diens droom uit te leggen, verklaar dan nu die droom voor uwen koning.

(Jezus ziet hem zwijgend en met weemoedigen blik aan.)

Herodes. Zijt gij in die soort wetenschap niet ervaren, toon ons dan uwe veel genoemde wondermacht. Maakt dat het in deze zaal plotseling donker worde, of wel stijgt omhoog en verlaat ons zonder den grond aan te raken, of laat de schrijfrol waarop uw doodvonnis geschreven is, verdwijnen. Wilt gij niet? Of kunt gij niet? Het moet voor u toch gemakkelijk zijn. Men verhaalt veel grooter wonderen van u. O, ik zie nu, dat wat men van u verhaalt, niets dan gezwets is. Gij weet niets en kunt niets.

Een hoveling. Het valt gemakkelijk het domme volk wat te doen gelooven, heel anders is het wanneer men voor den wijzen, den machtigen koning staat.

Een andere hoveling. Waarom toon je hier je wijsheid niet? Waarom verdwijnt je macht als een zeepbel, nu je voor den koning staat?

Herodes. Er is niets merkwaardigs aan dien man. Het is een dwaas, wiens hoofd op hol is geraakt door den toeloop van het volk. Laat hem gaan. Het is de moeite niet waard, zooveel drukte voor hem te maken.

Caïphas. O, koning, bedrieg u niet. Het is een slimme

Sluiten