Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Negentiende Beeld.

Jozef wordt als onderkoning in Egypte rondgeleid. Toen Jozef uit de gevangenis verlost was, werd hij als redder van het land op den troon van Egypte geplaatst. Zoo daalt ook Jezus in den kerker, in het graf, maar keert als Heiland der gansche wereld uit het graf terug.

Het Koor.

Ziet, welke mensch! roept Pilatus medelijdend uit. Ziet welke mensch! O Heer, vergeef uw volk, om der wille van uw kostbaar bloed.

Solo.

In het nieuwe verbond wil God geen bloed van bokken en schapen meer, het zal het bloed van een lam zijn. De Heer heeft zijn eenigen Zoon geroepen, ik hoor reeds het moordgeschreeuw.

(Op dit oogenblik hoort men reeds van verre uit den mond van schreeuwende benden: »Laat Barrabas los! Met Jezus aan het kruis!")

Het Koor.

Ach ziet Hem aan. Ach ziet hem aan. Welk kwaad heeft Hij dan toch gedaan? Jeruzalem! Jeruzalem! De Heer zal het bloed van den Messias op u wreken.

(Het volk nadert en schreeuwt.)

Het volk. Als gij hem loslaat, zijt gij de vriend des keizers niet meer! Laat zijn bloed over ons en onze kinderen komen!

(Pilatus, omringd door zijne hovelingen staat op het balcon voor zijn paleis. Beneden aan den trap, links, staat Jezus (ecce homo) omringd door Romeinsche soldaten, rechts, zoover het oog kan reiken, een onstuimig volk, dat nog onophoudelijk door de priesters wordt opgehitst. Hoort hoe dat toegaat.)

Sluiten