Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het gewoon boekjen, ziet elke som na, brengt de misgerekende in orde, en spreekt van het waarcm en daarom geen enkel woord, alzo deze hem 't eenemale onbekend zijn. Met het 13de Qf 14de jaar nemen de meeste ouders hunne kinders van het school, gebruiken hen in hunne dagelijksche bezigheden, en dit is oorzaak, dat veele met het 30ste jaar nauwelijks meer lezen of schrijven kunnen."

Op deze sombere schildering laat de schrijver de verzekering volgen: „Ziedaar den wezenlijken toestand der meeste dorpsschoolen. Op deze wijze worden duizenden onderwezen in spellen, schrijven, rekenen, godsdienst en zedekunde." Wat voor leesboek men de jeugd in handen gaf, kan blijken uit den titel van een schoolboek, in 1800 te Utrecht uitgegeven bij H. H. Kemink, boekdrukker en boekverkooper in de Schouten Steeg. Die titel luidt: Schoolboek, behelzende de Naamen der Geslachten van Adam af tot op Christus toe: Met nog eenige andere Naamen van Landen, Steden, Plaatsen, Ampts-Persoonen enz. Vertoonende een kort beloop der H. Schrift. Bijeengesteld om van de jeugd, in de Nederduitsche schooien, geleerd te worden. Door P. Bakker, Organist en Schoolmeester te Medemblik, ') Een degelijke verbetering zou echter alleen tot stand kunnen komen, indien de onderwijzers zelf beter ontwikkeld werden, en een „kweekschool voor schoolmeesters" was niet alleen wenschelijk, maar dringend noodzakelijk, zou het kwaad in den wortel worden aangetast. Het lager onderwijs werd meer en meer het voorwerp eener algemeene belangstelling. Aan het dorp Bodegraven komt de eer toe, dat men daar reeds in 1782 het plan maakte tot oprichting van een fonds, waaruit het onderwijs voor kinderen van minvermogende, maar niet-bedeelde ouders zou kunnen betaald worden. Men vond aldaar zooveel medewerking, dat men reeds in 1791 aan een zeventigtal van zulke kinderen onderwijs kon verstrekken. Een dergelijk schoolfonds werd te Broek in Waterland in 1810 opgericht.

Over de kwestie van het schoolfonds te Maasland hooren we in een volgend hoofdstuk.

Of „meester Arij Harreman", die in 1800 hier schoolmeester was, dit boek ook gebruikt heeft, we hebben het niet kunnen achterhalen.

Sluiten