Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BIJLAGE L.

(Blz. 107)

Schipluiden vóór de Reformatie.

Wegens de betrekking, die tusschen Maasland en Schipluiden bestaan heeft, volgt hier een korte historiebeschrijving van Schipluiden vóór de Hervorming. Onze voornaamste bron is een artikel van den Weleerw. Heer A. Driessen, oud-Maaslander, thans pastoor te llpendam: „Schipluiden, 't Woud en Terheiden vóór de Reformatie", voorkomende in de „Bijdragen voor de Geschiedenis van het Bisdom van Haarlem" (24e dl. 2e afl.)

Schipluiden is reeds oud; in 900 was het reeds bekend. Hoever het zich toen uitstrekte, is niet met zekerheid te zeggen; in 1514 verklaarde zijn pastoor schriftelijk: „datsijn communicantengedeelt sijn in drie ambachten te weten als Maeslant, Dorp en Hodenpil." Dit zal wel moeten zijn behalve „in de hooge heerlijkheid Schipluiden", want deze bestond reeds van veel vroegeren tijd. Het gedeelte van Maasland—Ambacht omvatte een stukje van den Oostgaag-weg en waarschijnlijk het, aan de andere zijde van de Gaag, er tegenover liggende land tot aan de Vlaardingsche vaart.

Dorpambacht lag ten Zuiden en ten Zuid-Westen van de heerlijkheid Schipluiden, en was ook een heerlijkheid, maar een lage heerlijkheid. In 1514 bevatte zij 507 morgentalen. Op een half uur afstand van Schipluiden stond weleer in dit ambacht de riddermatige hofstede „Dorp". In 1607 schijnt zij nog bestaan te hebben; thans is er echter niets meer van over dan een ronde heuvel, waarnaast een boerenwoning met den naam van „huis ten Dorp." In 1476 stonden er in dit ambacht 12 huizen; ook in 1496; doch in 1514 waren er maar 10 huisgezinnen, waarvan er nog 2 van den H. Geest leefden.

Het ambacht Hodenpijl was ook al een lage heerlijkheid met

Sluiten