Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

met Zichzelven vergeleken wordt. Opdat de geest des satans niet onder zijn naam ongemerkt bij ons insluipe, wil Hij door ons herkend zijn in zijn beeld, dat Hij in de Schrift heeft ingedrukt.

Dit is volstrekt niet een hangen aan eene doodende letter. (2 Cor. 3 : 6). De apostel strijdt daar tegen de valsche apostelen, die de wet buiten Christus aanprezen. De wet nu is eene doode letter en doodt hare lezers, als zij van de genade van Christus gescheiden wordt; maar als ze op Christus wijst is ze een woord des levens, bekeerende de zielen.

De H. Geest kleeft zoo aan de waarheid, welke Hij in de Schrift heeft uitgedrukt, vast, dat Hij dan eerst zijne kracht bewijst en uitoefent, als het Woord naar behooren geëerbiedigd wordt.

Woord en Geest zijn met een wederkeerigen band van zekerheid aan elkander verknocht. (Vergelijk hfdst. 7 en 8.)

Zie ook Luc. 24 : 27 : „Hij opende hun verstand, opdat zij de Schriften zouden verstaan." 1 Thess. 5 : 19, 20. „Bluscht den Geest niet uit. Veracht de profetieën niet." Het licht van Gods Geest wordt gebluscht zoodra de profetieën in minachting komen. Het Woord is een werktuig, waardoor de Heere de verlichting van zijn Geest aan de geloovigen uitdeelt.

HOOFDSTUK X.

De Schrift stelt den waren God alleen tegenover alle goden

der volkeren,

Wij spreken hier nog alleen van God als Wereldschepper. Wat ons in al zijne werken blijkt nl. zijne macht, goedheid, rechtvaardigheid enz., hetzelfde leert ons ook Gods Woord, doch met meerdere klaarheid. Sommige plaatsen geven eene zeer levendige beschrijving, b.v. Exod. 34 : ti. Vooral in Ps. 145 wordt de hoofdsom zijner deugden opgesomd, die ook kunnen aanschouwd worden in de schepselen. Evenzoo Jerem. 9 : 23.

Het doel dezer Godskennis uit de Schrift is hetzelfde als dat van de Godskennis uit de natuur, nl. lo. Hem te vreezen; 2«. op Hem te vertrouwen.

Sluiten