Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK VTII.

Over de macht der Kerk ten aanzien van de leerstukken des geloofs. Ongebondenheid van het Pausdom in deze, en derzelver gevolgen.

De geestelijke macht der Kerk is gelegen 1°. in de leer, 2". in de rechtsmacht, 3°. in het maken van wetten. Het onder

1 . genoemd» bestaat in twee deelen : a. om de leerstukken te onderwijzen, b. om ze te verklaren.

Alle kerkelijke macht moet dienen tot opbouwing, niet tot verstoring. Die deze macht gebruiken zijn niet meer dan dienaars van Christus, en dienaars der gemeente om Christus' wil. Deze macht is onderworpen aan het gezag van Christus, den eenigen Meester. Anders ontaardt ze in dwingelandij.

2 Cor. 10 : 8; 13 : 10; Matth. 17 : 5 „Hoort Hem!"

Deze macht en waardigheid is eigenlijk nimmer den menschen gegeven, maar aan het \\ oord, welks bediening hun toevertrouwd was. Ze moeten leeren in den naam en door het woord des Heeien. Niet uit zichzelven moeten zij spreken, maar uit des Heeren mond. Zoo Mozes, zoo de priesters. Mal. 2 : 4, 0; Deut. 17 : 10. Zoo ook de profeten. Ezech. 3 : 17 : „gij zult het. woord uit Mijnen mond hooien, en hen van Mijnentwege waarschuwen." Vergelijk Jer. 23 : 28. Vandaar bij hen zoo dikwijls uitdrukkingen als: „het Woord des Heeren," „alzoo zegt de Heere, enz. Vandaar ook hunne voortreffelijke titels en macht. — Evenzoo is het bij de Apostelen. Ze heeten „het licht der wereld," „het zout der aarde" (Matth. 5 : 13). Ze moeten evenals Christus gehoord worden (Luc. 10 :16). Hinden en ontbinden is hun werk (Joh. 20 : 23). Doch als „gezanten" hebben ze ook niets dan het bevel van hun zender te brengen

(Matth. 28 : 19 „leerende wat ik u geboden heb.") Zelfs

Christus verklaarde : //Mijne leer is de mijne niet, maar desgenen, die mij gezonden heeft" (Joh. 7 : 10).

Alle kennis van de hemelsche leer is door den Zoon (Matth. 11 : 27 „Niemand heeft den Vader gezien dan de Zoon, enz.") De leerwijze verschilde echter naar de verscheidenheid der tijden. Hij de Aartsvaders : verborgene openbaringen, ook met teekenen. En zij vertrouwden 't hunne nakomelingen toe.

Sluiten