Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ontmoedigd was ik, omdat te vergeefs door mij woorden gezocht waren om eenige indrukken mede te deelen, welke ik in die Hindoe-dorpen had verkregen. Al schryvend had ik ontdekt, dat ik, wat ik voor mij zelf toch goed meende te weten, niet mededeelen kon.

Geen omtrekken kon ik vinden voor de aandoeningen en gedachten gewekt door een deur!

Laat mij het nog eens probeeren. Het bezoek van myn Franschen vriend heeft mij goed gedaan! Een kwartier lang heb ik Fransch gesproken en die taal, zoo helder en vol licht, verdry ft altyd wat nevelachtig en onbestemd is in de gedachten. Wat ik in het Fransch vertelde, poog ik nu in het Hollandsch te schryven.

Over de Tenggereezen hadden de Franschman en ik het reeds vaak gehad. Ze geven ons den indruk van een ras te zyn even leelyk als onontwikkeld en ruw. Door tegenstelling komt dit uit. Eene der dames hier heeft een baboe uit Solo. Haar huidskleur, gelaatstrekken, slankheid, houdingen manieren doen haar een prinses schynen te midden van donkere dwergen, als ze tusschen de bevolking doorgaat.

Zeer verwonderd was ik dus toen ik, door de dessas Tosari, Wanomerta en de Hindoedorpen gaande, op tal van plaatsen bewyzen vond van waar gevoel voor vorm en kleur.... voor kunst!

Is dit niet opmerkelijk en zeer verblijdend?

Zou een naïeve, maar diep gevoelde kunstuiting niet de eerste aanduiding zyn van ontwaking van het hoogere in een primitief ras?

Men stelle zich de huizen der dessas hier voor! Een zwart en donker hol met een paar ligbanken van linnen.... de vloer van vastgestampte klei — de wanden van gevlochten bamboes tusschen bamboesstaken.... slechts zeer zelden vensters met

ruiten.... een openstaande deur, langs welke de stekende rook

»

Sluiten