Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den Lalita-Wistara, een nieuw gezichtspunt tot de juistere beoordeeling van het soort Boeddhisme, waarvan dat grootsche gebouw de machtige uiting is.

Volgens de Lalita-Wistara, waaraan de beeldhouwers der lange steenen lanen met reliefs zich zoo getrouw gehouden hebben, was er een Boddhisatva, d.i. een »Wezen wiens eigenschap is begrijpen« (en dat bestemd is bij een latere geboorte een Boeddha te worden), dat zich voornam op de aarde neder te dalen en daar opnieuw geboren te worden. Zijn moeder zal wezen Maya-Devi, de vrouw van koning Quodhodana.

En reeds terwijl de Boddhisatva nog dacht over de gedaante waarin hij zich zou manifesteeren, zag men voorteekenen in het paleis van koning Quodhodana. »Alle bloemen praalden, ofschoon haar tijd nog niet gekomen was, in volle pracht. Insecten en ander ongedierte, die anders de menschen lastig vallen, waren weggevaagd. Van den Himavat (sneeuwberg) kwamen allerlei soorten van vogels in grooten getale aanvliegen en zetten zich liefelijk sjilpend op de daken en kroonlijsten van het grootsche gebouw. Vruchten, die anders in verschillende tijden rijp worden, kon men nu tegelijkertijd eten, en de vjjvers in de tuinen werden bedekt met lotusbloemen zoo groot als wagenraderen. De in de koninklijke voorraadschuren opgetaste spijzen verminderen niet, ofschoon er dagelijks van afgenomen werd, en de muziekinstrumenten in het vrouwenpaleis maakten, zonder dat men ze aanraakte, liefelijke geluiden. De schatten, goud, edelsteenen, paarlen en andere kostbaarheden in het binnenste van het paleis straalden in helderen glans, ofschoon zij in gesloten vaten bewaard werden, en des konings huis was van alle zijden zoo licht en helder glanzend, dat het licht van zon en maan verduisterde.

In de maanden vóór zijn geboorte klonk voortdurend, dag en nacht, heerlijke muziek. De goden gaven regen wanneer

Sluiten