Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nu verheft tot een hoogte van ver over de tweehonderd voet; gevormd in een tijd, toen de wateren der zee zich twaalf mijl boven hun tegenwoordige grenzen uitstrekten.

In deze kalklagen heeft Lartet de volgende schelpsoorten aangetroffen: Pectunculus violascens, Lamk.; Purpura hemastoma, Lamk.; Murex brandaris, Linn.; Columbella rustica, Lamk. enz. ') De eerstgenoemde soort komt verreweg het menigvuldigst voor. En juist deze is het, die ook nu nog het overvloedigst gevonden wordt op de aangrenzende kust der Middellandsche Zee.2)

Nog een andere plaats, waar men eenzelfde ontwijfelbaar getuigenis ontvangt, is de omgeving van Lattakia, ongeveer dertig mijl ten noorden van Beirut. Ds. G. Post, med. dr., professor in het American College te Beirut in Syrië, deelt daaromtrent het volgende mee:

Gansche lagen van zeeschelpen en koralen, die thans in de Middellandsche Zee leven, komen voor op hoogten voornamelijk van honderdvijftig tot tweehonderd vijftig voet boven de zee. Zeldzamer komen ze echter ook op nog hooger gelegen plaatsen voor. De voornaamste plaats, waar deze schelpen gevonden zijn, is in een dal dicht bij het dorpje Qutrujeh, waar een uitgestrekte klomp weeke klei buitengewoon veel schelpen en koralen bevatte.

Dergelijke opeenhoopingen van schelpen uit betrekkelijk lateren tijd komen volgens Huil ook voor op het eiland Cyprus, op het breede terras, dat zich uitstrekt langs de Larnika-baai, en naar de zijde van het binnenland begrensd wordt door een lijn van witte uit kalksteen bestaande rotsklippen.

Dit terras is eveneens een oude zeebodem, en de klippen vormden de kustlijn, die door de golven werd bespoeld in de dagen dat het land nog onder water stond.

') De eerste is een tweekleppige schelp; de drie laatste zijn slakken met huisjes van verschillenden vorm en grootte.

2) a. w. blz. 74, 75.

Sluiten