Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

38. Aan zijn buitenkant (?) waren zijn zijden 140 ellen hoog;

39. De hoogte tot den bovenrand mat eveneens 140 ellen (d.i. overal).

40. Ik bouwde zijn geraamte, ik gaf er den vorm aan;

41. Ik construeerde het in zes verdiepingen,

42. En verdeelde het in zeven vertrekken;

43. De verdiepingen verdeelde ik elk in negen kamers.

44. Van binnen sloeg ik houten pinnen (om lekken te dichten).

45. Ik koos een mast (of: roer-mast) en voorzag in het noodige:

46. Zes sar aardpek stortte ik over den buitenkant,

47. Drie sar aardpek (goot ik over) den binnenkant.

48. Terwijl de korfdragers drie sar olie naar buiten brachten,

49. Ik bewaarde één sar olie, dat de offeranden (?) hebben verteerd;

50. Twee sar olie bergden de scheepslieden weg.

51. Voor (spijze) slachtte ik ossen;

52. Dagelijks doodde ik (klein vee);

53. Most, sesamwijn, olie en druivenwijn

54. Gaf ik aan de lieden (te drinken), als het water van een rivier.

55. (Ik maakte) een feest, als op Nieuwjaarsdag....

[Vijf regels ontbreken.]

56. (Met al wat ik had bevrachtte ik) het schip;

57. Ik bevrachtte het met al wat ik had aan zilver;

58. Ik bevrachtte het met al wat ik had aan goud;

59. (Ik bevrachtte het) met al wat ik had aan zaad van leven van alle soort;

60. Ik bracht op het schip mijn geheele huisgezin en mijn stam;

61. Vee van het veld, wilde dieren van het veld, al de handwerkslieden nam ik aan boord.

62. Een bestemden tijd had Samas vastgesteld, (zeggende):

63. „Wanneer de Heer van den Storm bij avondtijd een geweldigen regen van den hemel nederzendt,

64. Ga dan in uw schip en sluit uw deur!"

65. Die vastgestelde tijd kwam:

66. De Heer van den Storm zond bij avondtijd een geweldigen regen van den hemel neder.

67. Ik vreesde voor het aanbreken van den dag;

Sluiten