Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn, gelijktijdig dus met een hoogen stand van beschaving in Egypte en Babylonië.

Wil men deze tijdrekening van de groote watervallen verlengen, dan kan men dit niet anders doen dan door theorieën voorop te stellen aangaande de veranderingen in de richting van dë uitwatering der groote meren, waardoor de toevoer van water en bijgevolg de omvang der erosie zou verminderen; maar het is gemakkelijk aan te toonen, dat dit den tijd toch niet meer dan twee of drie duizend jaar zou verlengen.

Hetgeen ons wordt bericht aangaande de terugwijking van den waterval van St. Anthony, bij Minneapolis, wijst op ongeveer hetzelfde tijdstip. Vergelijkt men de situatie van dezen waterval, zooals ze ons gegeven wordt in de beschrijving en op de kaart van den Roomschen zendeling Hennepin, die ze in 1680 ontdekt heeft, met zijn tegenwoordige gesteldheid, dan blijkt, dat hij insgelijks naar den maatsstaf van vijf voet per jaar teruggaat, terwijl het post-glaciale ravijn, dat zich van fort Snelling opwaarts uitstrekt, dezelfde lengte heeft als dat van de Niagara, namelijk zeven mijl.

Ongeveer dezelfde resultaten verkrijgt men bij het onderzoek van een groot aantal kleinere watervallen, welke men kan vinden over de geheele vergletscherde oppervlakte.

2. Het bestaan van de ontelbare meren en meertjes, welke de ijsstreken beide in Europa en Amerika overdekken, wijst op een recenten oorsprong van deze watermassa's; terwijl in bijna alle gevallen hun ontstaan kan herleid worden tot den invloed van den ijstijd. Met weinige uitzonderingen zijn de groote meren gevormd door de afdamming met gletscherpuin van prae-glaciale waterstroomen, die de afwatering andere kanalen moest doen zoeken. Maar gelijk we reeds zagen, is de erosie, die de meren eventueel zal droogleggen, nog slechts een korten afstand gevorderd; terwijl de meeste kleinere meren, die men aantreft in Noord-Duitschland en Rusland, Finland, Scandinavië, Schotland, Ierland, Nieuw-

Sluiten