Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en bijna onwederstaanbaar, dat de planten geschapen zijn vóór de dieren.

5e. De volgorde, waarin de verschillende soorten van dierlijk leven op de aarde zijn verschenen, is als volgt. De zee werd het eerst bevolkt met dieren zonder ruggegraat, zooals de varieerende soorten van schelpdieren. Daarop volgden visschen met een ruggegraat. Na de visschen komen in de geologische lagen de amphibiën het eerst aan de beurt, zooals de kikvorsch, die in water en op land kan leven. Na de amphibiën komen de reptielen, of het kruipend gedierte. Zoo talrijk zijn de reptielen in dit tijdperk, en van zoo merkwaardige gedaante en grootte, dat een geheel geologisch tijdvak, vóór de introductie van die diersoorten waarmee de mensch het nauwst is verwant, door Agassiz „het tijdperk der reptielen" is genoemd.

Wat het tijdstip van de wording der vogels betreft, is het wetenschappelijk resultaat min of meer zwevend. Toch kan er maar weinig twijfel bestaan, of hun aanzijn ging aan dat van de vroegste zoogdieren vooraf. De zoogdieren zijn die dieren, wier jongen levend geboren en door de moeder gezoogd worden. De vroegste van deze, zooals de buidelrat en de kangoeroe, zijn evenwel geen eigenlijke zoogdieren, aangezien hun jongen niet in staat zijn zich onafhankelijk van de moeder te bewegen, maar een tijdlang door deze in een zak worden gedragen, totdat ze gedeeltelijk volwassen zijn. De eigenlijke zoogdieren, zooals de koe, het paard, de hond, de kat en de aap, komen pas in een veel later tijdvak, onmiddellijk grenzende aan dat van den mensch. Zonder twijfel, is de mensch de laatste in de rij, en vormt hij het waardig slot van het ontwikkelingsplan der natuurlijke schepping, zooals ons dat ontvouwd wordt in de bladen van het boek der geologie.

Zoodanig loopt, van de wetenschappelijke zijde beschouwd, de parallel, die getrokken moet worden tusschen het Scheppings-

Sluiten