Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uw gedachten zijn niet Mijn gedachten". Dat komt met geen moderne philosophie in botsing; wij beroepen ons op de ervaring en vorderen niets van het vermogen de dingen te gelooven „omdat zij onmogelijk zijn". En wij zijn trotsch en gelukkig omdat de gevreesde Onbekende God van het oneindig heelal ons ras heeft gekozen als het medium om Zijn wil aan de menschen te verkondigen. Wij zijn geheiligd in Zijn dienst. De Geschiedenis getuigt dat dit werkelijk onze zending is geweest, dat wij de wereld den Godsdienst hebben geleerd, even zeker als Griekenland haar Schoonheid en Wetenschap leerde kennen. Ons wonderbaarlijk overleven door de cataclysmen van oude en moderne dynastieën heen is een bewijs dat onze zending nog niet is geëindigd."

Het stuk was afgespeeld. Percy Saville hief een komisch hed aan waarbij hij zichzelf begeleidde. Gelukkig was het luidruchtig.

„En u gelooft dus heusch, dat wij in God's dienst geheiligd zijn?" zeide Esther, terwijl zij treurig keek naar Percy s grimassen.

„Kan daaromtrent twijfel mogelijk zijn? God koos een ras om zendelingen en apostelen, desnoods martelaren te ajn voor Zijn waarheid. Gelukkig is de heilige plicht de onze, zeide hij ernstig, geheel onbewust van het dwaze contrast tusschen zijn enist en Percy's lied, dat Esther zoo sterk trof. Toch had hij, van de twee, verreweg het meest humor, wat zijn idealisme niet verstoorde, maar het met wereldsche dingen in voeling hield. Het ontbrak Esther's dieper opvatting aan dien humor, als middel tegen bekrompenheid. Misschien was het omdat zij een vrouw was, dat de gewone banale kleinigheden van de comedie van het leven haar zoo geweldig hinderden, dat zij nauwelijks de vertooning tot het eind met geduld kon bijwonen. Waar Kaphael de luit zou hebben bewonderd, daar was Esther verstoord door de kleine barstjes er in.

„Maar is dat niet een bekrompen opvatting van God's openbaring?" vroeg zij.

Sluiten