Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Schlesinger, wiens oordeel men vroeg", was van meening dat men het met Ebenezer kon probeeren, maar dat zij hem in den beginne geen percenten konden geven. Na veel dingen, stemde Ebenezer er in toe van zijn provisie af te zien, indien het comité een oorspronkelijk verhaal van zijn hand in het blad wilde opnemen.

Toen men het hierover eens was, sprong Ebenezer in het kantoor rond, nu en dan van achter de batterij van zijn blauwe bril naar Pinchas met de oogen knippend. Maar de dichter was geheel verdiept in een discussie over den besten drukker. Het comité was voor Gluck, die voor de meesten van hen nu en dan karweitjes had gedaan; maar Pinchas begon een verhaal hoe, toen hij een groot blad te Buda-Pesth redigeerde, hij veel bezuinigd had door een kleine drukkerij aan het blad te verbinden.

„U moet een kleine drukkerij opzetten," zeide hij. „Ik neem aan die voor een paar pond in de week te drijven. Dan zal ik niet alleen uw blad drukken, maar u nog groote winsten bezorgen door extra-drukwerk. Met een man aan het hoofd van groote zaakkennis . . . ."

De Haan maakte een dreigend gebaar en Pinchas sloop uit de buurt van den kolenbak weg.

„Gluck moet onze drukker zijn!" zeide De Haan op beslissenden toon. Hij heeft Hebreeuwsche letters en we zullen daarvan veel noodig hebben. Wij moeten veel Hebreeuwsche aanhalingen hebben en niet het Hebreeuwsch met Engelsche letters spellen, zooals de andere bladen. En de Hebreeuwsche datum moet vóór den Engelschen komen. Het publiek moet onmiddellijk zien, dat onze beginselen de beste zijn. Bovendien, Gluck is een Jood en we zullen dan geen gevaar loopen dat er drukwerk op Zaterdag wordt gedaan."

„Maar moeten we niet een uitgever hebben?" vroeoSampson. °

„Dat is precies mijn idee," riep Pinchas. „Als ik die drukkerij opzet, kan ik te gelijk uw uitgever zijn. We moeten alles praktisch doen."

Sluiten