Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK X.

ESTHER TROTSEERT HET HEELAL.

Esther droeg een netten zwarten mantel en zag er langer en statiger uit dan anders met een mooien hoed en een voile met moesjes. Er was een blos op haar wangen en haar oogen schitterden. Zij had in koud, zonnig weer geloopen van het Britsch Museum (waar men haar nog waande te zijn) en de wind had een lok haar over het kleine schelpvormige oor los gemaakt. In haar linkerhand droeg zij een rolletje papier — het bevatte haar critiek van de tentoonstellingen in Mei. Daaraan knoopte zich een geschiedenis vast.

In de donkere dagen, die op de scène met Levi volgden, was Esther langzamerhand tot een besluit gekomen. Haar toestand was onhoudbaar geworden. Zij kon niet langer een sjnorrer blijven, op den koop toe misbruik makend van de mildheid harer weldoeners. Zij moest de Goldsmith's verlaten en onmiddellijk. Het moest. Over den tweeden stap kon worden gedacht als de eerste gedaan was. Toch draalde zij met den eersten. Eenmaal uit haar tegenwoordige sfeer gedreven, kon zij niet instaan voor de toekomst, kon zij bijv. niet zeker zijn haar belofte aan Raphael na te komen om een vonnis te vellen over de Academy en andere schilderijverzamelingen, die in Mei bloeiden. In elk geval, wanneer zij eenmaal had gebroken met den kring der Goldsmith's, zou zij de connectie niet gaarne weer aanknoopen, zelfs niet met Raphael. Neen, het was maar het best zich

Sluiten