Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eens rond. „Twee zouden hier niet kunnen slapen," zeide zij.

„Wel zeker," zeide Debby nadenkend en het laken met haar hand in twee deelen verdeelend. „En het bed is heel schoon, anders zou ik het je niet durven vragen. Maar het is misschien niet zoo zacht als je gewoon bent."

Esther dacht na; zij was moede en had al te veel pijnlijke emoties doorleefd, om het vooruitzicht van zoeken naar kamers prettig te vinden. Het was waarlijk gelukkig dat deze veilige haven zich opdeed.

„Ik zal in elk geval van nacht hier blijven," zeide zij, terwijl Debby's gelaat van vreugde straalde. „Morgen zullen we verder zien. En nu, kan ik je ook helpen met je naaiwerk?"

„Neen Esther, dank je vriendelijk. Zie je, er is niet genoeg voor twee," zeide Debby verontschuldigend. „Misschien is er morgen meer. Bovendien je was nooit zoo knap met de naald als met de pen. Je placht altijd aanteekeningen te verliezen voor je naaiwerk en herinner je je niet, hoe je de plooien van die rokken altijd met den kruissteek naaide, in plaats van met den steelsteek? Ha, ha, ha, ik heb dikwijls gelachen als ik er aan dacht."

„O, dat was maar verstrooidheid!" zeide Esther, met geveinsde verontwaardiging het hoofd schuddend. „Als mijn werk niet goed genoeg voor je is, zal ik maar naar beneden gaan en Becky aan haar machine-naaien helpen."

Zij deed haar muts op, daalde niet zonder nieuwsgierigheid een trap af en klopte tegen een deur, die zij, te oordeelen naar het voortdurend gesnor daarachter, voor de deur van de werkkamer hield.

„Ben je een man, of een vrouw?" hoorde zij in jiddisj de welbekende stem der ziekelijke vrouw vragen.

„Een vrouw," antwoordde Esther in het Duitsch.

Zij was blijde dat zij Duitsch geleerd had; in haar nieuw oud leven zou dat het beste zijn ter vervanging van het jiddisj.

„Herein/" riep juffrouw Belcovitch met de kortheid van een schildwacht.

Kleinkinderen van het Ghetto. 13

Sluiten