Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK XVI.

DOOR DE LIEFDE VERLOKT.

Raphael stapte uit het bureau, als vrij man. Bergen van verantwoordelijkheid schenen hem van de schouders te rollen. Hij was zich niet bewust dat zijn Messianische gewaarwordingen een schok hadden gekregen door het mislukken van deze episode van zijn leven; zij waren in dieper gewaarwordingen opgegaan. Welk een dwaas was hij geweest zooveel tijd te laten verloren gaan, geen poging te hebben gedaan de verlaten Esther op te sporen! Natuurlijk moest Esther hebben verwacht, dat hij, al ware het slechts als vriend, eenig teeken zou hebben gegeven, dat hij niet meedeed aan de algemeene verwensching. Misschien had zij Londen, of het land reeds verlaten en zou zij niet meer te vinden zijn dan na langdurige nasporingen, als van een ridder uit den ouden tijd. Hij was der Voorzienigheid dankbaar, dat zij hem vrij had gemaakt om haar te helpen. Onmiddellijk begaf hij zich tot haar uitgevers en vroeg haar adres. De jongere vennoot kende niemand van dien naam. Tevergeefs herinnerde Raphael hem, dat zij Mordecai Josephs hadden uitgegeven. Dat was geschreven door den heer Edward Armitage. Zich aan de fictie houdend, vroeg Raphael dan het adres van dien heer. Ook dat werd geweigerd, maar alle brieven zouden worden opgezonden. Was de heer Armitage in Engeland? Alle brieven zouden worden opgezonden. Meer was er uit den jongeren vennoot niet te krijgen, en hij was daarvan niet af te brengen.

Sluiten