Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

oog zijns geestes uitbeeldt, hij onthoudt haar niet zijn bewondering. Toch, als wij nu niet meer van hem konden hooren, hoe troosteloos zou het afscheid van hem zijn! Toch, als hij niet meer, nooit anders had mogen prediken, hoe ondragelijk zou ook voor hem zelfs ten slotte de last geworden zijn!

Maar ook Ezechiël heeft ten laatste van hoop mogen getuigen. Er is een duidelijk onderscheid tusschen zijne prediking van de eerste en die van de latere jaren zijner profetische loopbaan, en het keerpunt werd hem gegeven door den val van Jeruzalem in 586, toen Nebukadrezar de stad en den tempel liet verwoesten, nog eenmaal een deel der bevolking naar Babel in ballingschap liet overbrengen en eiken schijn zelfs van zelfstandigheid aan het land en het volk der Joden voor goed ontnam. Toen was de slag gevallen, waaraan men noch in Juda zelf noch onder de ballingen in Babel ooit recht had willen gelooven. Zoolang nog Jeruzalem stond, zoolang nog in den tempel het altaar rookte, zoolang nog een koning zetelde op Davids troon, zij het slechts met een schaduw van gezag, zoolang had men zich gevleid met de hoop, dat het allerergste wel nimmer zou gebeuren. En juist deze hoop te bestrijden was in de eerste jaren het werk van den profeet geweest. Door tal van zinnebeeldige handelingen, in allerlei gelijkenis moest hij toen aan zijne medeballingen het

Sluiten