Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn God, aan het werk. Zoo is hij verlost van de kleine gedachten en mismoedige overleggingen van zijn medeballingen. O mijn volk, spreekt hij in den naam van Jehova, mijne gedachten zijn niet uwe gedachten, uwe wegen niet mijne wegen: neen niet zoo klein, zoo beperkt, zoo kortzichtig, zoo somber en zwak! Hoog zijn de hemelen boven de aarde, alzoo zijn mijne wegen hooger dan uwe wegen, en mijne overleggingen hooger dan uwe overleggingen. Hoog als de hemel en wijd en oneindig, de grenzen der aarde omvattend, de eeuwen omspannend! (55: 8, 9).

Doch de ballingen zien den vurigen prediker maar steeds ongeloovig aan. De neerslachtigheid was te diep ingevreten in de zielen. Het klonk hun al te wonderlijk! Hoe zou Israël meetellen voor den wereldveroveraar? Zou hij niet veeleer het „wormken Jakob" achteloos onder den voet vertreden ? En zou nu Jehova, van wien zij — om het zoo te zeggen — in vijftig jaar taal noch teeken hadden ontvangen, die hen scheen vergeten te hebben, plotseling zulk een heil hun bereiden? Was Hij wel waarlijk de Levende,de Albestierende? Waren de goden van Babel, van Perzië niet machtiger?

Tegen al deze twijfelingen moet onze „Evangelist" telkens weer opwerken. En hij wordt niet moede om de verhevenheid van Jehova boven de andere goden te betoogen, te verkondigen. De voorbeelden zijn voor het grijpen. Jehova is de Eene en Eenige, de

Sluiten