Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hij de boodschap van zijnen God tot zijn volk overbrengt, toont een eigen stempel. J) Hij houdt er van haar in beelden aanschouwelijk te maken, en stelt het voor, alsof hij het alles heeft gezien in visioenen, hem in zekeren nacht voor het oog des geestes getoond. Heeft hij het werkelijk alles zóó gezien, of zijn deze gezichten een door hem zelf gekozen vorm, waarin hij, naar eigen literairen smaak, de door Gods geest aan zijne ziel geopenbaarde waarheid heeft gekleed? De vraag is moeilijk te beantwoorden, en eigenlijk ook van minder belang, ten minste voor het doel van dit opstel. Het is ons om die waarheid zelve te doen, om de Godsgedachte, die de profeet in dezen vorm heeft uitgebeeld, om het woord, dat hij van den lieer ontving en aan zijn volk predikte.

En wel had Israël nog behoefte aan een Woord des Heeren. Want de moeilijkheden waren en bleven zoo groot. Men had nog voortdurend het gevoel van te leven onder de gramschap van den Almachtige, die nu reeds zeventig jaren op het volk drukte. En nog geen enkel teeken, dat verandering in den toestand

1) Ik heb hierbij alleen het oog op cap. I—VLII van het boek Zacharia. De hoofdstukken IX—XIV vormden oorspronkelijk wel een afzonderlijk geschrift, later ten onrechte roet bet geschrift van Zacharia tot één geheel verbonden. Zij dragen n.1. een geheel ander karakter, verplaatsen ons in andere tijdsomstandigheden en zullen dus wel afkomstig zijn van een anderen, denkelijk later levenden Godsman.

Sluiten