Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hij Jes. 61 : 1 en 2 en paste dit werkelijk op zich zeiven toe, met de woorden: „heden is deze Schrift in uwe ooren vervuld." § 5.

Nu is de vraag: wie heeft Hem gezalfd ? „De sleutel hangt bij de deur" zou men hier kunnen toepassen, „Jehova heeft mij gezalfd," evenals in Ps. 2: 6. Lees hierbij vooral Ps. 45: 8. Indien wij hier niet te doen hebben met den Messias door God „gegenereerd," (Ps. 2, „gij zijt Mijn zoon, heden heb ik u gegenereerd") hoe kan men dan Ps. 45 van afgoderij (meer-godendom) vrijpleiten ?

Ik weet, dat men dit „lied der liefde" op Salomon toepast, maar hoe groot deze koning ook was, is toch met geene mogelijkheid op hem toepasselijk vers 3: „schooner dan de menschenkinderen," en onmiddellijk „door God gezalfd" en God genoemd vers 7 en 8 ? Én is de aanbidding en hulde in vers 12 en 13 niet ongeoorloofd tegenover een mensch, ook als Salomon ? Ook heeft de uitdrukking van een „eeuwig Koninkrijk" dan gefaald, als men 't op Salomon toepast, niet waar ? Dat dit op den Messias ziet, stelde ook Saulus van Tarsus voor, die aan de voeten van Gamliël was opgevoed, zie Hebr. 1 : 8 en 9.

Gij zoudt willen, dat ik u een priester, den hoogepriester Annas of Kajuphus zou noemen, door wien Jezus gezalfd zou zijn, maar is dat voor uwe overtuiging wel noodig ? Is Malchizedek geen priester des Allerhoogsten geweest, omdat gij niet weet, door wien hij gezafd was ? Die Malchizedek, de vriend van Abraham, was een vriend van God, en wel Zijn priester, lang voor de priesterstand door de wet was ingesteld. Zie Gen. 12 : 7—13; 13: 14, 10: 14; 18—20. Deze Malchizedek was koning en priester en hij is de type van Messias, zie Ps. 110.

In de regeling der ambten onder Israël was het op straffe des doods verboden de koninklijke en priesterlijke waardigheid te vereenigen, Num. 3 : 10. Vóór die regeling vinden wij die vereeniging bij Malchizedek en bij het eindigen van de schaduwen (door de komst van den Heer uit den Hemel) vinden wij die vereeniging weer in Hem.

Sluiten