Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bezoekers konden het maar niet geloven dat er uit die klijsters zo'n mooie bloemen schoten als ze daar in het voorjaar in de hof van de stasie bewonderden.

— Boeren zijn onnozele mensen, ze weten zo weinig, zei mevrouw Bollekens.

Om vier ure ging mevrouw Bollekens binnen om het eten gereed te doen en Stiena bleef met Van Riebeeck alleen. Ze praatten voort een en ander en ook over de braafheid van mevrouw en van de „sjef".

— Vind je niet dat hij de goedheid zelf is? vroeg Stiena aan Van Riebeeck.

— O, ja, dat geloof ik wel! verzekerde hij.

— En ze denken dat gij van hem niet moet hebben!

Hij stond recht, zijn gezicht was rood van 't stuipen en hij schudde zijn handen die vuil waren van de aarde en de mest. Hij bezag haar. Ze zat bezig te breien en keek naar het werk van haar tikkende en bedrijvig woelende naalden.

Ze was zekerlik niet mooi. Ze had een klein, rond hoofd met ietwat te weinig haar en nogal dikke wenkbrauwen. Zc was bleek van kleur en haar wangen hingen een beetje neerwaarts, van weerskanten haar neus had ze

Sluiten