Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

had haar hulp en steun niet meer nodig.

Een overweldigende triestigheid miek zich van haar meester en ze moest geweld op zichzelf doen om niet in snikken los te barsten. Waarom had ze haar zuster aangesproken? Ze zou niet opniew de zekerheid gehad hebben dat haar niets deerde en ze zou ten minste in de begocheling verkeerd hebben dat haar zorg een doel had. Liever zag ze haar zuster lijdend.

Wat een zelfzuchtige wens! ze voelde er onmiddelik berouw en schaamte over en bad om vergiffenis. En dan kwam ook dadelik over haar de wetenschap dat haar zuster huichelde en voort evenveel en meer nog haar zorgen zou nodig hebben, stadige zorgen, maar ze wilde haar waakzaamheid ontkomen.

Stiena aanstak het licht. Ze zetten zich aan weerskanten daarvan ieder met een ordonnaal nevens zich. De helle, klare, uitgevaagd-violette straal viel op het kussen, verlichtte de kant en het speldegewar. Ze begonnen te scharrelen in hun klosjes. Geen een sprak nog, het was de stilte van vroeger en voor de jongste was daar niets veranderd, alles bleef eender en de vijand, de kwade duivel, bleef voort meester over haar zuster. Was het

Sluiten