Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

haar herhaalde malen aan. Het uitzicht van de dingen was triestig, het speldekussen van de oudste stond bij haar in de hoek en werd niet meer aangeraakt, ze deed letterlik niets. Er bovenop lag de kat in een bol. Rondom waren in de blauwe vloer grijze strepen, sporen van de laatste worsteling van Matielde tegen hersenschimmen. Stiena bezag met treurigheid dit toneel en haar zuster die nu een willoze vod geworden was. Toen herinnerde ze zich, zonder te weten vanwaar dit kwam, de Faustlegende, en ze werd zo dadelik overtuigd dat haar zuster haar ziel aan de duivel verkocht had.

Daar werd aan de deur geklopt en ze voelde plots een grote angst opkomen, het moest eens een man zijn met horens en koepoten! Ze keek haar zuster strak aan, maar deze verroerde zich niet; ze stond op en ging schoorvoetend en vol angst naar de deur.

Hij was het die daar stond, Van Riebeeck!

Stiena verschoot geweldig en was ineens ook buitengewoon blij dat ze hem zag. Maar dit was als een kwaad waar ze zich tegen verzette en ook vatte ze plots argwaan op, een gevolg van de gedachten van daar straks. Zond de duivel hem om haar van haar plichten af te trekken?

Sluiten