Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kinderen leerden, zooals andere volken hun de letteren onderwijzen. Plato zegt, dat de oudste zoon des konings aldus werd opgevoed: na zijn geboorte gaf men hem, niet aan vrouwen, maar aan eunuchen, die door hun deugd in het grootste aanzien bij den koning stonden. Dezen zorgden er voor, dat hij mooi en gezond werd van lijf en leden en na zeven jaar leerden zij hem paard rijden en op de jacht gaan. Wanneer hij veertien jaar was, vertrouwden zij hem toe aan de handen van vier mannen, aan den wijsten, den rechtvaardigsten, den matigsten en den dappersten van het geheele volk. De eerste leerde hem godsdienst, de tweede altijd waar te zijn, de derde meester te worden van zijn hartstochten, de vierde niets te vreezen."

„Het is zeer opmerkelijk, dat in dien uitnemenden staat van Lycurgus, in waarheid monsterachtig door zijn volmaaktheid, waar men het als zijn voornaamste taak beschouwde, zorgvuldig te waken voor de opvoeding der kinderen, dat men daar bij den zetel der muzen, zoo weinig van leeren melding maakt: 't is alsof men aan deze edelaardige jeugd, elk juk behalve dat der deugd versmadende, in plaats van meesters in wetenschappen, slechts meesters in dapperheid, voorzichtigheid en rechtvaardigheid had behoeven te verschaffen; een voorbeeld dat Plato in zijn „Wetten" heeft nagevolgd. Hun wijze van behandeling bestond hierin, dat men hun vragen stelde, om hun oordeel over de menschen en hun daden te vernemen. Indien zij de personen of die daden veroordeelden of prezen, moesten zij de gronden van hun uitspraken opgeven, en daardoor werd tegelijkertijd hun oordeel gescherpt en leerden zij, wat recht was.

„Astyages vraagt aan Cyrus (in het bekende werk van Xenophon) verslag van zijn laatste les. Er is, zegt hij, op onze school een groote jongen met een klein bovenkleed. Hij gaf dit aan een van zijn makkers, die kleiner was, en nam het veel grootere van dezen. Onze leermeester had mij opgedragen in deze zaak als rechter op te treden. Ik oordeelde, dat alles maar blijven moest, zooals het was, omdat beide door de verandering in beteren toestand gekomen waren. Hij toonde me daarop aan, dat ik verkeerd had gedaan, want ik had er alleen op gelet, wat het beste paste, en ik had in de eerste plaats moeten vragen, wat de rechtvaardigheid eischte, en deze wilde, dat niemand geweld werd aangedaan, in wat hem toebehoorde. Hij zeide, dat de groote jongen voor zijn handelwijze een pak slaag hebben moest, zooals dit in onze dorpen

Sluiten