Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

noemd is. Daarenboven was liet zijn bedoeling, dat in de volgende leerjaren bij liet onderwijs gebruik zou gemaakt worden van de kennis, die in vroegere leerjaren was aangebracht.

De drie laatste hoofdstukken der „Didactica" zijn voor ons het minst belangrijk. In liet éénendertigste hoofdstuk „van de licogeschool" zegt hij in den aanvang: „Tot deze strekt zich wel onze methode niet uit; maar het zal geen kwaad kunnen, dat wij toch aangeven, hoever ook hier onze wenschen gaan". Deze wenschen van C. zijn tegenwoordig vrij wel werkelijkheid geworden, zoodat het niet noodig zal zijn, hieromtrent iets naders te vermelden.

Ook over liet tweeëndertigste hoofdstuk kunnen wij kort zijn. C. kenschetst het zelf als een samenvatting van de raadgevingen en wenschen, dat hij in de voorafgaande hoofdstukken heeft uiteengezet.

Het slot van het boek, het drieëndertigste hoofdstuk, betitelden wij boven als een opwekking aan ouders, onderwijzers, geleerden en machthebbers. Het is een met warmte geschreven oproeping aan de genoemde personen, om mede te werken tot verwezenlijking van het plan, dat hij in de voorafgaande bladzijden heeft ontwikkeld. Lang is de stem van den waardigen herder die van een roepende in de woestijn geweest. Eerst in de vorige eeuw is de dageraad beginnen te gloren van den dag, die C. zoo innig gehoopt had te zullen zien. Mogen zijn woorden vele hoorders en daders vinden, opdat deze eeuw eindelijk brenge, wat hij met zienersoog aireede had aanschouwd !

John Locke.

1632—1704.

John Locke werd in 1632 in Pensford niet ver van Bristol geboren. In Oxford studeerde hij wijsbegeerte, natuurwetenschap en geneeskunde. Hij kreeg daar een onoverwinnelijken afkeer van de scholastieke wetenschap, die nog altijd aan de Engelsche hoogescholen werd onderwezen en gevoelde zich aangetrokken tot de geschriften van Cartesius.

Een jaar lang gezantschapssecretaris in Berlijn leert hij, naar Oxford teruggekeerd, Lord Anthony Ashlev (den lateren graaf van Shaftesbury) kennen. Deze nam hem als vriend, geneesheer en opvoeder van zijn zoon in zijn huis op en in het vervolg zijn Locke's

Sluiten