Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In de achtste plaats acht Francke het noodzakelijk, de kinderen liefde tot de drie hoofddeugden: waarheid, gehoorzaamheid en v 1 ij t, in te boezemen.

„Vervolgens moet worden opgemerkt, dat er vooral drie deugden zijn, die men trachten moet in het jeugdige gemoed ingang te doen vinden, namelijk liefde tot waarheid, gehoorzaamheid en v 1 ij t. En de tegenovergestelde ondeugden moeten tegelijkertijd met evenveel ernst worden vermeden, namelijk 1 e ug e n, eigenzinnigheid e n 1 e d i gg a n g. Door de liefde tot de waarhei d, wordt het hart oprecht en rechtschapen, vrij en openhartig jegens iedereen en schaamt zich om met valsche streken om te gaan. Door hartelijke gehoorzaamheid wordt de heerschappij van den eigen wil en eigendunk gebogen en het hart allengs nederiger en deemoediger gemaakt, alsmede tot een ongehuichelde bescheidenheid en vriendelijkheid geneigd. Door de vlijt wordt een bestendigheid in alle dingen en volharding verkregen en het gemoed vroegtijdig van grove onwetendheid en onervarenheid bevrijd."

Hoe kan aan de kinderen liefde tot de waarheid ingeboezemd worden?

Vooreerst door de kinderen voor oogen te houden, dat alle leugen een gruwelijke zonde is en de hoofdeigenschap van den duivel, die een leugenaar is van den beginne ; terwijl God een God is van waarheid en gerechtigheid.

Ten tweede moet men zich hoeden, dat de kinderen geen sprookjes of spookgeschiedenissen van oude vrouwen of dienstboden te hooren krijgen, want daardoor worden zij vlijtig in het liegen geoefend.

Ten derde moeten de kinderen niet bemerken, dat ouders of onderwijzers een leugentje om bestwil geen zonde achten. Hoe verkeerd is het niet, kinderen met de boodschap naar de deur te sturen, dat vader of moeder niet thuis zijn, terwijl de kinderen weten, dat dit wel het geval is.

Ten vierde is het verkeerd kinderen pleizier te doen krijgen in tooneelstukken, goocheltoeren, romans, liefdesgeschiedenissen en dergelijke dingen meer, waardoor de lust om den bijbel te lezen wordt tegengegaan.

Eindelijk en ten laatste moet men ook niet de geringste leugen in de kinderen dulden, hoe klein of gering die ook zij. Een leugen is nooit een grapje, hoe aardig zij ook wordt voorgesteld.

Sluiten