Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en niets er voor in de plaats stellen. Het zou hem gaan als een boompje dat het toeval midden op den weg doet geboren worden, en dat de voorbijgangers weldra doen omkomen doordat zij het aan alle kanten stooten en in alle richtingen buigen."

Zooals men zal opmerken geeft de laatste alinea de motiveering, waarom in het stelsel van R. toch opvoeding noodzakelijk is. Moet toch alles geschieden volgens de natuur, dan ligt het haast voor de hand, dat men het kind dan ook maar aan zich zelf moet overlaten. Dat men dit niet kim doen, is volgens R. te wijten aan de onnatuurlijke omgeving waarin de menschen verkeeren.

De opvoeding die het kind ten deel valt is drieërlei. „Deze opvoeding valt ons ten deel of van de natuur, of van de menschen of van de dingen. De innerlijke ontwikkeling van onze vermogens en van onze organen is de opvoeding van de natuur; het gebruik dat men ons leert van deze ontwikkeling te maken is de opvoeding der menschen ; en het verkrijgen van onze eigen ervaring van de voorwerpen die op ons inwerken is de opvoeding der dingen."

„Elk van ons wordt dus door drie soorten van meesters gevormd. De leerling bij wien hun verschillende lessen met elkaar in tegenspraak komen, is slecht opgevoed en zal nooit met zich zeifin evenwicht zijn; alleen hij bij wien zij alle op dezelfde punten samenvallen en op dezelfde doeleinden uitloopen,gaatop zijn doel af en leeft zonder innerlijke tegenstrijdigheid. Slechts deze is wel opgevoed.

„Maar van deze drieërlei opvoeding hangt die der natuur niet van ons af; die der dingen slechts in bepaalde opzichten ; die der menschen is de eenige waarvan wij werkelijk meester zijn ; en dan nog kunnen wij dit laatste enkel onderstellen, want wie kan ooit hopen geheel en al de gesprekken en de daden van allen te leiden die een kind omringen ?"

„Zoolang dus de opvoeding een kunst is, is het bijna onmogelijk dat zij slaagt, omdat de samenwerking 'die voor haar slagen onmisbaar is, van niemand afhangt. Alles wat men door zorg kan verkrijgen is dat men meer of minder het doel nadert, maaier is geluk noodig om het te bereiken."

„Wat is dat doel? het is dat der natuur; dit is daar juist bewezen geworden. Omdat de overeenstemming der drieërlei opvoeding noodzakelijk is tot hun volmaking, moeten wij de beide andere richten naar de opvoeding waaraan wij niets kunnen wijzigen. Maar misschien heeft het woord natuur een al te vage beteekenis: wij moeten trachten het hier vast te stellen."

Sluiten