Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

is niet verwachten: „Zonder algeheele hervorming der studiën, zonder een opzettelijk ingerichte kweekschool voor aanstaande onderwijzers." Zoo'n kweekschool kan echter onmogelijk goede vruchten afwerpen, indien men niet van te voren voor „een wer k e 1 ijk goede schoolbibliotheek" heeftgezoigd. In die schoolbibliotheek moeten alle boeken gevonden worden, die voor het onderwijs in alle vakken, van de lagere school af tot de hoogeschool toe, geschikte leerstof bevatten. De leerstof moet in moeilijkheid naar de leeftijden zijn gerangschikt.

Men bemerkt dat B. in zijn „Voorstel" stelselmatig te werk wenscht te gaan, en ook in overeenstemmingmetzijn plannen handelde, toen hij eerst het„Elementarwerk" verschijnen deed en daarna het „Philanthro-

pinum" opende, want we moeten niet vergeten, al werd die inrichting een kostschool voor jongelieden uitdenbeschaafdenstand,debedoeling van B. was oorspronkelijk de stichting van een kweekschool.

Ook is het duidelijk, dat de hervorming van het onderwijs in ons land in velerlei opzicht onder den invloed van B.'s „Voorstel"'is ontstaan. Veel van de geschriften, in het laatst der achttiendeeeuwverschenen, dragen nog meer den stempel van Basedow dan van Rousseau, want B. is oorspronkelijker dan men wel eens heeft gemeend: bij het schrijven van zijn „Voorstel" kende B. Locke wel, maar Rousseau's „Emile" waarschijnlijk nog niet. Onze geheele onderwijswetgeving, de uitgave van schoolboeken door de Maatschappij tot Nut van 't algemeen, de stichting van de kweekschool te Haarlem : voor een groot deel danken wij dit alles aan Basedow. Goethe had nog zoo ongelijk niet, toen hij, wandelende tusschen Lavater en Basedow in, de ontmoeting met de woorden beschreef: Links een profeet, rechts een profeet, de wereldling in 't midden.

Gaan wij tot het tweede deel van het voorstel over: meeningen, twijfelingen, vragen en voorslagen over opvoeding, scholen en studiën.

Nadat B. eerst heeft betoogd dat niemand als onderwijzer behoort werkzaam te zijn, die geen voldoende bewijzen van bekwaamheid en geschiktheid en goed zedelijk gedrag gegeven heeft, zet hij uiteen welke vei schillende soorten van scholen in elk land moeten gevonden worden.

B. verdeelt de scholen in twee soorten, welke verdeeling samenvalt met onze verdeeling in lagere scholen te eener, en middelbare en hoogere scholen te anderer zijde. De lagere scholen bestaan uit twee soorten. De eerste soort is bestemd voor de kinderen van het grootste deel des volks en „verdienen daarom g r o o t e

Sluiten