Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

5. „Hij wil de wetenschappen populariseeren."

P. voegt er aan toe, dat hiermee het volgende wordt bedoeld. Men moet zich steeds afvragen, wat de natuur van het kind e i s c h t en bij alle onderwijs den psychologischen gang volgen. Nu is deze uitdrukking vrij vaag en P. is er niet steeds in geslaagd, zijn bedoeling volkomen duidelijk te maken. Uit zijn toelichting blijkt, dat hij wenscht, dat de moeder en de onderwijzer met het eenvoudige zullen beginnen en geleidelijk voortschrijden tot het meer samengestelde.

In den tweeden brief beschrijft P. zijn verbintenis met Krüsi en hoe hij door het samenwerken met hem weer tot meerdere vastheid in zijn overtuigingen geraakte.

Krüsi was een man, die zich zelf had opgewerkt en die ernstig nadacht over de beste wijze, waarop hij zijn betrekking kon vervullen. Hij had eerst onder Fischer gewerkt en van hem veel geleerd. De dood van F. deed hem besluiten, zich bij Pestalozzi te voegen. De stervende F. had dit voornemen met instemming begroet.

Krüsi werd door P. overtuigd, dat bij het onderwijs de volgende denkbeelden moesten gelden.

1. De grondslag voor alle soorten van kennis moest gelegd worden door het inprenten van een goed geordende nomenclatuur. Van daar uit zou dan worden opgeklommen tot begrippen in alle vakken van kennis.

2. Vastheid in de aanschouwing der dingen zou worden verkregen door oefening in lijnen, hoeken en bogen.

3. De grondslagen van het rekenonderwijs zouden gelegd worden, door de kinderen met werkelijke dingen of op zijn minst met punten te laten rekenen.

4. De gememoriseerde beschrijvingen van eenvoudige werkingen, als gaan, staan, liggen, zitten enz. zouden de kinderen in staat stellen, alle andere dingen, die ze leerden kennen, even nauwkeurig te beschrijven.

5. De waarheid, die door aanschouwing verkregen was, zou alle redeneeren en spreken overbodig maken.

6. In het bijzonder wekte het verzamelen van planten de overtuiging, dat de kennis, die wij door onze zinnen kunnen verkrijgen, afhankelijk is van de opmerkzaamheid op de natuur en de volharding in het verzamelen en vasthouden.

Sluiten