Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

begrijpen, dan legt men een stuk ijzer, lood, vleesch, brood, kaas, boter, hout, steen, klei, enz. van elk een pond (of een ander gewigt, dat in het land, waarin het woont, ingevoerd is) bij eikanderen. Door aanschouwing, opheffing, betasting leert het kind een pond van elke stof juist schatten. Met deze oefeningen verbindt men de gelijke ligchamen, die evenwel meer of minder dan een pond wegen, en laat het kind, nadat het deze voorwerpen beschouwd en gevoeld heeft, schatten en raden, of het inderdaad meer of minder dan een pond is."

II. Het tweede (zie boven) is een stelselmatige handleiding voor het rekenen in de school, zoowel met gewone getallen als met breuken. P. geeft niet alleen een nauwkeurige uiteenzetting van de bewerkingen met kleine getallen, maar evenzeer van de hoofdregels met groote. Natuurlijk is het ondoenbaar hier een overzicht te geven van den gang der oefeningen. Om een denkbeeld te geven van de zorg, die P. ook aan het oplossen van vraagstukken besteedt, nemen wij hier als voorbeeld de verschillende uitwerking van een zelfde gegeven.

„Wanneer 2 pond, of 2 kan, of 2 el, of 2 vadem enz. van deze of gene waar 6 cent, gulden, enz. kosten, hoeveel cent, enz. zal dan 40 pond, enz. van genoemde waar kosten ?"

P. geeft van bovenstaand vraagstuk de volgende zeven oplossingen.

„Wanneer 2 pond of 2 kan, enz. 6 cent kosten, dan zal 1 pond, dat de helft van 2 pond is, ook de helft van 6 cent of 3 cent, en 40 pond der zelfde waar ook 40 maal 3 cent of 120 cent kosten.

„Als 2 pond 6 cent kost, dan zal 40 pond ook zoo dikwijls 6 cent kosten, als 40 pond 2 pond uitmaakt; 40 is 20 maal 2 pond, dus kosten zij ook 20 maal 6 cent of 120 cent.

„Het getal ponden is van het getal centen, die zij kosten, tweemaal het 6de deel, verkleind x/3; dus moet ook het getal der gegevene ponden, waarvan de prijs onbekend is, het derde deel van het getal centen zijn, welke zij kosten zullen ; 40 is het derde deel van 120, hetwelk het voor dit geval gezochte getal centen is.

„Als 2 pond 6 cent kost, dan kost dit getal ponden 3 maal zoo veel centen, als er ponden zijn ; bij gevolg moet het te zoeken getal centen ook 3 maal zoo groot zijn, als de 40 pond; 3 maal 40 is 120; dus kosten zij ook, aldus opgelost, 120 cent.

„2 pond is het 20ste deel van 40 pond, dus moet ook dat, wat

Sluiten