Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Ik ben een tijdlang dwaas genoeg geweest,'' hernam hij eenigszins geraakt door hare schijnbare verstrooidheid : „om mij te verbeelden dat laatstgenoemde hinderpaal zonder veel gewicht was. Wat bekommerde ik zelf mij om politiek, en moest zij mij dan scheiden van eene vrouw, die er nog minder dan ik aan dacht zich ooit daarmede bezig te houden ? Maar mijn vader had een ernstig gesprek met mij en leerde mij inzien dat er eenheid moest heerschen in alle groote punten, wil een huwelijk niet onherroepelijk veroordeeld zijn rampzalig te worden, en die staatkunde, die zoo onbeduidend schijnt op onze jaren, neemt op lateren leeftijd eene voorname plaats in, wat meer zegt, men is wel gedwongen zich er mede in te laten hier, waar de toestanden zulk een ernstig karakter beginnen te verkrijgen.''

„En zoo was het verschil in politieke opvattingen, wat u verhinderde tot hiertoe gelukkig te zijn ?"

„O ! Ik weet niet of ik waarlijk gelukkig zou zijn geworden," hernam de jonge man, op zijne beurt in gedachten verzonken : „Bij oogenblikken vraag ik mij zelfs af hoe ik mij tevreden kon stellen met een zoo weinig omvattenden geluksdroom : niets anders dan een bekoorlijk meisjesgelaat en twee vlugge, ijverige handen, die van den ochtend tot den avond mêe zouden

Sluiten