Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zóó weinig, dat hij zoo goed als een vreemde voor mij was, aan wiens gezelschap ik mij eerst nog moest gewennen, terwijl ik mij tot geen enkele vrouw in dezen ganschen omtrek getrokken voel. Uwe moeder deed mij voor het eerst weder goed met haar zachten, teederen glimlach ; maar de vriendinnen, die men voor mij heeft willen uitkiezen, joegen mij bijna schrik aan, en bij oogenblikken vraag ik mij vol ontzetting af: zal ik het bestaan jaar in jaar uit op deze wijze moeten voortzetten, en nooit of nimmer terugkeeren naar Engeland ?" Gij ziet dat, wat ik ook trachten moge om daartoe te geraken, de heerlijke onderwerping mijner moeder mij nog niet eigen geworden is."

„Ik zie vooral dat het arme Afrika het geheim niet verstond uw hart te winnen,' gaf hij op eenigszins ontmoedigden toon ten antwoord: „Uwe vrienden hier hadden stellig iets anders gehoopt!"

,,Ik herhaal u dat ik geen vrienden heb in deze streek. Wat mijne kennissen van mij denken laat mij — tot mijne schande misschien koud, zóó onverschillig zijn zij mij."

„Dat is niet heel bemoedigend voor ons," zeide Moorbreggen, gekrenkt overeind rijzende : „en na zulk eene gulle verklaring blijft mij nog alleen over afscheid van u te nemen, Miss Norton."

Sluiten