Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lijke woning. De hut lag veel dichter bij de hoeve der Norton's; maar het stuitte hem tegen de borst de hulp in te gaan roepen der bedienden van een man, omtrent wiens gezindheid ten zijnen opzichte hij nog geenszins zeker was. Toen hij tehuis aankwam, was het dan ook al zoo laat, dat Elisabeth, die voorloopig slechts van hem vernam dat hij Djaguna deerlijk verwond door een val op den weg had gevonden, er tegen opkwam hem wederom op weg te laten gaan om haar met een der wagens af te halen.

„Tom de voerman, gaat immers reeds," zeide zij knorrig: „waarom behoeft er zulk een drukte gemaakt te worden van een negerinnetje, dat vrij wat gelukkiger zou zijn geweest, indien men haar onopgemerkt had gelaten?''

„Misschien heeft moeder gelijk, jongen," verklaarde de Boer: „Djaguna is een der mooiste meisjes van haar ras, en dwazen, die haar zelf het arme, onverstandige hoofd op hol hebben gebracht, mochten eens op den inval komen van uwe edelmoedigheid tegenover haar gebruik te maken, om te verkondigen dat gij niet wijzer waart dan zij. Zulke geruchten werken, dikwijls nog jaren daarna, ongunstig op een huwelijk."

Herman eindigde met toe te geven en nadat hij de noodige bevelen aan Tom gegeven had

Sluiten