Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beide oude lieden, wien zij slechts een volslagen onverschilligheid toedroeg !

,,Heb ik u reeds verteld dat men mij een mooie som heeft geboden voor dat veld daarginds ?" vroeg haar schoonvader thans, naar een groote reep gronds aan de linkerzijde van den weg wijzende.

,,Neen, vader," antwoordde Eleanor met meer beleefdheid dan belangstelling.

„Men wilde er een flink huis neerzetten," hernam de Boer : „maar ofschoon ik het dubbele zou ontvangen hebben van hetgeen die plek mij indertijd heeft gekost, heb ik het voorstel afgeslagen."

„Hadden wij bijna buren gekregen ?" klonk het op een toon van onmiskenbare teleurstelling : „en wildet gij daar niet van hooren ? Hoe kwam dat ?"

„Vooreerst," gaf Lodewijk Moorbreggen lachend ten antwoord : „ben ik niet zoozeer op de onmiddellijke nabijheid van vreemden gesteld als mijne lieve dochter wel schijnt te zijn ; maar behalve dat ... ja, kind, van het oogenblik af dat gij mijne beweegredenen wenscht te kennen, moet gij het mij vergeven zoo ik openhartig met u ben. Het bod werd gedaan door een Engelschman en ik ben van meening dat wij Boeren hun verblijf in de Transvaal niet in de hand mogen werken."

Sluiten